Opdracht 2
In je opdrachtenmap zit opdracht 2.
Op dit vel kan je de antwoorden invullen.
Doel: zelfstandig de temperatuur van de koel en vrieskast kunnen bepalen.
Temperatuurmetingen.
Maak voor deze opdracht gebruik van de koelkasten en vriezers, die in de praktijklokalen staan.
De bedoeling is om zelf te kijken of de koelkasten en de vriezer de juiste temperatuur hebben.
De koelkasten mogen niet boven de 7 graden zijn.
De vriezers mogen niet boven de min 15 graden zijn.
Noteer 2 lessen achtereen (tijdens schooltijd) de volgende gegevens:
1 – De temperatuur van de thermometers op de koelkasten en vriezers.
2 – De temperatuur van de thermometers die in de koelkasten en vriezers liggen.
|
Lesdag 1 |
Dag |
Datum |
Temperatuur op de koelkast/vriezer |
Temperatuur in de koelkast/vriezer |
|
Witte koelkast |
|
|
|
|
|
IJzeren koelkast |
|
|
|
|
|
Kleine vriezer |
|
|
|
|
|
Grote vriezer |
|
|
|
|
|
Lesdag 2 |
Dag |
Datum |
Temperatuur op de koelkast/vriezer |
Temperatuur in de koelkast/vriezer |
|
Witte koelkast |
|
|
|
|
|
IJzeren koelkast |
|
|
|
|
|
Kleine vriezer |
|
|
|
|
|
Grote vriezer |
|
|
|
|
Als je hulp hierbij nodig hebt, vraag het aan je docent of een medeleerling