Brandpreventie en brandblus apparatuur:

 

Brandpreventie is het voorkomen van brand.

 

Brand ontstaat door het samenkomen van 3 dingen:

·            Brandstof

·            Warmte

·            Zuurstof

 

Brandstof voorbeelden zijn:   - vaste stof: hout, stof, plastic.

                                               - vloeistof: alcohol, benzine, olie.

                                               - vluchtige stof: aard- en
                                                  butaangas.

Warmte voorbeelden zijn:  - oververhitting en vonken.

Zuurstof voorbeelden zijn: - tocht en wind.

 

Schema brandpreventie

 

Oorzaken van brand:

Voorkomen van brand:

Slordigheid

Voorbeelden:

Afval dat blijft liggen kan in brand vliegen

 

Vetaanslag in de afzuigkap

 

 

Dagelijks afval afvoeren

 

Volgens schoonmaakrooster reinigen van de afzuigkap

Kortsluiting

Voorbeelden:

Beschadigde elektra draden

 

 

Defecte elektrische apparatuur

 

 

Regelmatig controleren en indien nodig laten vervangen

 

Niet meer gebruiken en stekker uit het stopcontact nemen, laten repareren

Oververhitting

Voorbeelden:

Overmatig heet worden van apparatuur

 

 

Defect aan thermostaat van frituur

 

 

Niet meer gebruiken, eventueel stekker uit het stopcontact nemen, laten nakijken

 

Niet meer gebruiken en stekker uit het stopcontact nemen, laten repareren

Gas

Voorbeelden:

Uitwaaien van gaspit

 

 

Niet te verklaren gaslucht in de keuken

 

 

Controleer of gaspit blijft branden als je hem laag zet

 

Draai hoofdgaskraan dicht en laat vakman komen

Vlam in de pan

Voorbeelden:

Oververhitting van olie of vet in pan

 

Water in heet frituur, geeft steekvlam

 

 

Deksel op de pan en hittebron uitdraaien

 

Deksel of branddeken over de frituur en de stekker uit het stopcontact nemen.

   

Frituurbrand NOOIT met water blussen!


 

Brandwonden:

Brandwonden zijn als volgt te herkennen:

·           Eerstegraads brandwond       = rode huid

·           Tweedegraads brandwond     = blaren

·           Derdegraads brandwond        = open huid

 

 

Hoe te handelen bij brandwonden:

 

“Eerst water, de rest komt later!”

 

Minimaal 10 minuten koelen onder zacht stromend koud water.

Nooit insmeren met brandzalf.

Nooit kleding verwijderen.

Raadpleeg deskundige hulp en blijf koelen (eventueel met koude kompressen) tot deze aanwezig is.

 

Beschadiging van de ogen:

Door de chemische schoonmaakmiddelen die wij gebruiken is het niet ondenkbaar dat deze wel eens in je ogen komen.

Probeer dit te voorkomen door het dragen

van een veiligheidsbril en handschoenen

bij gebruik van grill-, en ovenreinigers en ontkalker.

 

Mocht het toch fout gaan neem dan de volgende actie:

·             Houdt het oog van het slachtoffer open.

·             Spoel met een oogdouche of plastic bekertje het oog uit met lauw water.

·             Houdt dit 30 minuten vol.

·             Waarschuw zo spoedig mogelijk deskundige hulp.

 

Door het mengen van schoonmaakmiddelen kan een chemische reactie ontstaan, die brandwonden kan veroorzaken.

Denk maar aan de reactie die chloor en ammonia (urine) op elkaar hebben.

 

Meng dus nooit schoonmaakmiddelen!

 

·             Dragen en tillen:
Een vrouw mag maximaal 13 kilo tillen.
Een man mag maximaal 23 kilo tillen.
Til vanuit je benen met gebogen knieën en rechte rug.
Draag op heup- en ellebooghoogte.
Gebruik een kar als je over een grotere
afstand iets moet vervoeren.

 

Met 2 personen tillen maakt de last de helft lichter.

·             Duwen: 
Duw een kar vanuit je benen met de zwenkwielen aan de kant waar je staat om beter te kunnen sturen. 
Belaadt een kar niet te hoog en te zwaar. 
Duw met rechte rug en blijf zo dicht mogelijk bij de kar lopen. 
Het trekken van een kar is zeer slecht voor 
je rug. 
·             Staan en lopen: 
Zet bij langdurig staan je benen iets uit elkaar en buig je knieën licht. 
We noemen dit: de knieën van het slot. 
Om je houding af te wisselen en je rug te ontlasten, kun je met een been iets hoger gaan staan. 
Bij het staan achter de snijmachine, blijf je met beide benen op de vloer en zet je een been naar achter om vanuit dat been af te zetten in plaats vanuit je rug. 
Sta en loop altijd met opgeheven hoofd voor een rechte rug. 

 

Wissel werkzaamheden af zodat je niet te lang achtereen dezelfde beweging hoeft te doen of langdurig in dezelfde houding hoeft te staan.